• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Een volk van priesters, profeten en koningen
Jezus Christus is degene die de Vader gezalfd heeft met de heilige Geest en die Hij tot "priester, profeet en koning" gemaakt heeft. Heel het volk van God deelt in deze drie functies van Christus en het draagt de verantwoordelijkheid voor de zending en de dienst die daaruit voortvloeien. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De Verlosser van de mensen, Redemptor Hominis (4 mrt 1979), 18-21
Wanneer men door het geloof en het Doopsel toetreedt tot het volk van God, gaat men ook delen in de unieke roeping van dit volk: zijn priesterlijke roeping: "Christus, de Heer, de Hogepriester, uit de mensen genomen, heeft het nieuwe volk gemaakt "tot een koninkrijk van priesters voor zijn God en Vader". De gedoopten immers worden door de wedergeboorte en de zalving van de heilige Geest gewijd tot een geestelijke woonstede en een heilig priesterschap". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 10. vert. uit Lat.
"Het heilig Volk van God deelt ook in de profetische functie van Christus". Het doet dit vooral door de bovennatuurlijke geloofszin van heel het volk, leken en hiërarchie, wanneer het "onwankelbaar trouw blijft aan het geloof, dat eens voor altijd aan de heiligen werd overgeleverd" 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 12. vert. uit Lat. en het begrip hiervan verdiept en midden in deze wereld getuige wordt van Christus.
Tenslotte deelt het Volk van God in de koninklijke functie van Christus. Christus oefent zijn koningschap uit door alle mensen tot zich te trekken door zijn dood en verrijzenis. Vgl. Joh. 12,32 Christus, koning en heer van het heelal, is dienaar van allen geworden. Hij is "niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en zijn leven te geven als losprijs voor velen" (Mt. 20,28). Voor de Christen "is heersen. Hem dienen, 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 36 vooral "in de armen en de noodlijdenden in wie de kerk het beeld van haar arme en lijdende Stichter herkent. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 8. vert. uit Lat. Het Volk van God verwezenlijkt zijn "koninklijke waardigheid" door een leven overeenkomstig deze roeping: met Christus te dienen.
Allen immers die in Christus zijn herboren, worden door het teken van het kruis tot koningen gemaakt en door de zalving van de heilige Geest tot priesters gewijd. Alle van de Geest en inzicht vervulde christenen moeten dus beseffen dat zij, zonder deel te hebben aan deze bijzondere dienst van ons ambt, toch eveneens een koninklijke afkomst en een priesterlijke taak bezitten. Want wat is zo koninklijk als de menselijke geest die in onderwerping aan God heerst over het lichaam ? En wat is zo priesterlijk als aan de Heer een zuiver geweten te wijden en Hem vanaf het altaar van het hart reine gaven van godsvrucht aan te bieden? H. Paus Leo I de Grote, Sermones. 4,1, vert. Getijdenboek Lect. I,8,2.9

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 12 oktober 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam