• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Een volk van priesters, profeten en koningen
Jezus Christus is degene die de Vader gezalfd heeft met de heilige Geest en die Hij tot "priester, profeet en koning" gemaakt heeft. Heel het volk van God deelt in deze drie functies van Christus en het draagt de verantwoordelijkheid voor de zending en de dienst die daaruit voortvloeien. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De Verlosser van de mensen, Redemptor Hominis (4 mrt 1979), 18-21

Alinea's in de marge van alinea 783

Christus komt van de Griekse vertaling van het Hebreeuwse woord "Messias", dat wil zeggen "gezalfde". Dit wordt de eigennaam van Jezus alleen, omdat Hij op volmaakte wijze de goddelijke zending vervult die het woord tot uitdrukking brengt. In Israël werden in de naam van God immers zij gezalfd die aan Hem toegewijd waren op grond van een zending die van Hem kwam. Dit was het geval bij koningen Vgl. 1 Sam. 9, 16 Vgl. 1 Sam. 10, 1 Vgl. 1 Sam. 16, 1.12-13 Vgl. 1 Kon. 1, 39 , priesters Vgl. Ex. 29, 7 Vgl. Lev. 8, 12 en, in zeldzame gevallen, profeten. Vgl. 1 Kon. 19, 16 Dit moest bij uitstek het geval zijn bij de Messias, die God zou zenden om definitief zijn koninkrijk te vestigen. Vgl. Ps. 2, 2 Vgl. Hand. 4, 26-27 De Messias moest met de Geest van de Heer gezalfd worden Vgl. Jes. 11, 12 en dit tegelijkertijd als koning en priester, Vgl. Zach. 4, 14 Vgl. Zach. 6, 13 maar ook als profeet. Vgl. Jes. 61, 1 Vgl. Lc. 4, 16-21 Jezus heeft de Messiaanse hoop van Israël in vervulling doen gaan in zijn drievoudig ambt van priester, profeet en koning.
De verschillen zelf die de Heer heeft willen aanbrengen tussen de ledematen van zijn lichaam, dienen de eenheid en de zending ervan. Want "er is in de van zijn Kerk verscheidenheid van bediening, maar eenheid van zending. Aan de apostelen en hun opvolgers is door Christus de opdracht toevertrouwd om in zijn naam en door zijn macht te onderwijzen, te heiligen en te besturen. De leken, het priesterlijke, profetische en koninklijke ambt van Christus deelachtig geworden, vervullen echter een eigen taak in de zending van het gehele volk van God in de Kerk en in de wereld". 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het lekenapostolaat, Apostolicam Actuositatem (18 nov 1965), 2. vert. uit Lat. Tenslotte zijn er "in elk van deze beide groepen (gewijde bedienaren en leken) christengelovigen die door de professie van de evangelische raden (...) zich op hun eigen bijzondere wijze aan God toewijden en de heilszending van de Kerk dienen". Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 207. § 2

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 1 februari 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam