• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De Messiaanse intocht van Jezus in Jeruzalem

Hoe gaat Jeruzalem zijn Messias ontvangen? Hoewel Jezus zich altijd onttrokken had aan de pogingen van het volk om Hem tot koning te maken, Vgl. Joh. 6, 15 kiest Hij wel het tijdstip uit van zijn Messiaanse intocht in de stad van "zijn vader David" (Lc. 1, 32) Vgl. Mt. 21, 1-11 en bereidt deze intocht tot in de details voor. Hij wordt toegejuicht als de zoon van David, Hij die het heil brengt (Hosanna wil zeggen: "red toch!", "geef het heil!"). De "koning der glorie" (Ps. 24, 7-10) gaat nu zijn stad binnen, "gezeten op een ezel" (Zach. 9, 9): Hij verovert de dochter van Sion, een voorafbeelding van zijn Kerk, niet met list of geweld, maar met een nederigheid die getuigt van de waarheid. Vgl. Joh. 18, 37 Daarom zijn de onderdanen van zijn koninkrijk op die dag, de kinderen Vgl. Mt. 21, 15-16 Vgl. Ps. 8, 3 en de "armen van God" die Hem toejuichen, zoals de engelen Hem verkondigden aan de herders. Vgl. Lc. 19, 38 Vgl. Lc. 2, 14 Hun toejuiching "Gezegend Hij die komt in de naam des Heren" (Ps. 118, 26) wordt door de Kerk in het "Sanctus" van de Eucharistieviering herhaald aan het begin van de herdenking van het Pasen van de Heer.

Alinea's in de marge van alinea 559

Vanaf de menswording tot de Hemelvaart is het leven van het mensgeworden Woord omgeven door de verering en de dienst van de engelen. Wanneer God "de eerstgeborene de wereld binnenleidt, zegt Hij: 'Alle engelen Gods moeten Hem hulde brengen"' (Heb. 1, 6). Hun lofzang bij de geboorte van Christus klinkt nog steeds door in de lofprijzing van de kerk: "Eer aan God..." (Lc. 2, 14). Zij beschermen Jezus' jeugd, Vgl. Mt. 1, 20 Vgl. Mt. 2, 13.19 dienen Hem in de woestijn, Vgl. Mc. 1, 12 Vgl. Mt. 4, 11 sterken Hem in zijn doodsangst, Vgl. Lc. 22, 43 terwijl Hij door hen uit de handen van de vijanden gered had kunnen worden, Vgl. Mt. 26, 53 zoals eens Israël. Vgl. 2 Mak. 10, 29-30 Vgl. 2 Mak. 11, 8 Het zijn ook de engelen die "evangeliseren" Vgl. Lc. 2, 10 , wanneer zij de Blijde Boodschap van de menswording Vgl. Lc. 2, 8-14 en van de verrijzenis Vgl. Mc. 16, 5-7 van Christus aankondigen. Zij zullen er zijn bij de wederkomst van Christus die zij aankondigen, Vgl. Hand. 1, 10-11 in dienst van zijn oordeel. Vgl. Mt. 13, 41 Vgl. Mt. 25, 31 Vgl. Lc. 12, 8-9

De anafora: met het eucharistisch gebed, een gebed van dankzegging en consecratie, bereiken we het hart en het hoogtepunt van de viering:

In de prefatie brengt de Kerk door Christus in de Heilige Geest dank aan de Vader voor al zijn werken, voor de schepping, de verlossing en de heiliging. Heel de gemeenschap sluit zich vervolgens aan bij de onophoudelijke lofzang die de hemelse Kerk, de engelen en alle heiligen, de driewerf heilige God toezingt.

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 2 juni 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam