• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De laatste bede tot onze Vader klinkt ook door in het gebed van Jezus: "Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor het kwaad" (Joh. 17, 15). Deze vraag heeft betrekking op ons, op ieder van ons persoonlijk, maar het gaat steeds om "ons" die bidden, in gemeenschap met de hele Kerk en met als doel de verlossing van de hele menselijke gemeenschap. Het gebed van de Heer maakt ons onophoudelijk ontvankelijk voor de volle omvang van het heilsbestel. Onze onderlinge afhankelijkheid in het drama van de zonde en de dood wordt omgezet in solidariteit binnen het lichaam van Christus, in de "gemeenschap van de heiligen". Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de verzoening en boete in de zending van de Kerk in deze tijd, Reconciliatio et paenitentia (2 dec 1984), 16

In deze bede is het kwade geen abstract begrip, maar het duidt een persoon aan, de Satan, de Boze, de engel die zich verzet tegen God De duivel (dia-bolos) is degene die "dwarsligt" bij het plan van God en bij zijn "heilswerk" dat in Christus voltooid is.

"Satan, die de hele wereld verleidt" (Openb. 12, 9) "was van begin af aan een moordenaar (...) een leugenaar, ja, de aartsleugenaar" (Joh. 8, 44). Door hem zijn de zonde en de dood in de wereld gekomen en door zijn definitieve nederlaag zal heel de schepping "uit zonde en dood (...) opgericht" worden. Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Editio typica tertio emendata 2002/2008, Missale Romanum (6 okt 2008). Eucharistisch gebed IV, Altaarmissaal (NL) blz. 713; Missaal voor Zon en Feestdagen (B) 306. "Wij weten dat een kind van God niet zondigt; de Zoon van God behoedt hem, en de boze heeft geen vat op hem. Wij weten dat wij bij God horen, terwijl de hele boze wereld in de macht van de boze ligt" (1 Joh. 5, 18-19):

De Heer, die uw zonde heeft weggenomen en uw fouten vergeven heeft, is ook bij machte om u te beschermen en te behoeden voor de hinderlagen van de duivel, die uw tegenstander is. Zodoende kan de vijand, die gewoon is de schuldigheid voort te brengen, u niet overrompelen. Wie zich toevertrouwt aan God, vreest de duivel niet. "Indien God voor ons is, wie zal dan tegen ons zijn?" (Rom. 8, 31). H. Ambrosius van Milaan, Over de Sacramenten, De Sacramentis. 5,30 vert. uit Lat.

De overwinning op de "vorst van de wereld" Vgl. Joh. 14, 30 is, voorgoed, behaald in het uur waarin Jezus zich vrijwillig overlevert aan de dood om ons zijn leven te geven. Dan wordt er geoordeeld over deze wereld en de vorst van deze wereld wordt "buitengeworpen" Vgl. Joh. 12,31 Vgl. Apok. 12,11 "Hij zet de achtervolging in op de vrouw", Vgl. Openb. 12, 13-16 maar hij heeft geen vat op haar: de nieuwe Eva, "vol van genade" van de heilige Geest, wordt bewaard voor de zonde en van het bederf van de dood (Onbevlekte Ontvangenis en Tenhemelopneming van de allerheiligste Moeder van God, Maria, altijd maagd) "Toen, om zijn woede op de vrouw te koelen, ging de draak heen, om de overige van haar kinderen te beoorlogen" (Openb. 12, 17). Daarom bidden de Geest en de Kerk: "Kom, Heer Jezus" (Openb. 22, 17.20), omdat zijn komst ons immers zal verlossen van de Boze.

Wanneer wij vragen om verlost te worden van de Boze, bidden wij evenzeer om bevrijd te worden van al het kwaad, in heden, verleden en toekomst, dat hij tot stand brengt of waarvan hij de aanstichter is In deze afsluitende bede brengt de Kerk heel de ellende van de wereld tot de Vader. Met de verlossing uit al het kwaad dat de mensheid neerdrukt, smeekt zij de kostbare gave van de vrede af en de genade van de volhardende verwachting van de wederkomst van Christus. Door zo te bidden loopt zij in de nederigheid van het geloof vooruit op het moment waarop alles en iedereen onder een hoofd wordt gebracht in Hem die "de sleutels van de dood en het dodenrijk heeft" (Openb. 1, 18), "'die is en die was en die komt', de Albeheerser" (Openb. 1, 8): Vgl. Openb. 1, 4

Verlos ons, Heer, van alle kwaad, geef vrede in onze dagen; dat wij, gesteund door uw barmhartigheid, vrij mogen zijn van zonde en beveiligd tegen alle onrust, hoopvol wachtend op de komst van Jezus, Messias, uw Zoon. Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Editio typica tertio emendata 2002/2008, Missale Romanum (6 okt 2008). Embolisme, Altaarmissaal (NL) blz. 715; Missaal voor Zon. en Feestdagen (B), 360

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 19 juni 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam