• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

"Als iemand de wil van God doet, dan luistert Hij naar zo iemand" (Joh. 9, 31). Vgl. 1 Joh. 5, 14 Zo invloedrijk is het gebed van de Kerk in naam van haar Heer, vooral in de eucharistie; het gebed van de Kerk is een voorspreken in gemeenschap met de geheel en al heilige moeder van God Vgl. Lc. 1, 38.49 en van alle heiligen in wie de Heer "behagen" heeft gehad, omdat zij alleen maar Gods wil gewild hebben:

Ook is het niet in strijd met de waarheid om de woorden "Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel" op te vatten als "in de kerk zoals in onze Heer Jezus Christus zelf", moge uw wil geschieden in de bruid die met Hem verloofd is, zoals in de bruidegom die de wil van de Vader volbracht heeft. H. Augustinus, De sermone Domini in monte. 2,6,24, vert. uit Lat.

Alinea's in de marge van alinea 2827

Het gelovig gebed bestaat niet alleen maar in het uitspreken van "Heer, Heer", maar in de bereidheid van het hart om de wil van de Vader te doen. Vgl. Mt. 7, 21  Jezus roept zijn leerlingen op om die zorg voor de medewerking aan het goddelijke plan te dragen in het gebed. Vgl. Mt. 9, 38 Vgl. Lc. 10, 2 Vgl. Joh. 4, 34

De Kerk is de bruid van Christus
De eenheid van Christus en de Kerk, hoofd en ledematen van het lichaam, houdt ook in het onderscheid van de twee in een persoonlijke relatie. Dit aspect wordt dikwijls uitgedrukt in het beeld van de bruidegom en de bruid. Het thema van Christus als bruidegom van de Kerk is voorbereid door de profeten en aangekondigd door Johannes de Doper. Vgl. Joh. 3, 29 De Heer heeft zichzelf aangeduid als "de bruidegom" (Mc. 2, 19). Vgl. Mt. 22, 1-14 Vgl. Mt. 25, 1-13 De apostel stelt de Kerk en iedere gelovige, lidmaat van zijn lichaam, voor als een bruid "verloofd" met Christus, de Heer, om met Hem slechts één geest te zijn. Vgl. 1 Kor. 6, 15-17 Vgl. 2 Kor. 11, 2 Zij is de vlekkeloze bruid van het vlekkeloos Lam, Vgl. Openb. 22, 17 Vgl. Ef. 1, 4 Vgl. Ef. 5, 27 die Christus heeft liefgehad, voor wie Hij zich heeft overgeleverd "om haar te heiligen" (Ef. 5, 26), die Hij aan zich gebonden heeft door een eeuwig verbond en voor wie Hij blijft zorgen als voor zijn eigen lichaam. Vgl. Ef. 5, 29
Dat is de gehele Christus, hoofd en lichaam, één geheel, bestaande uit velen (...). Of het nu het hoofd is dat spreekt, of de ledematen, het is Christus die spreekt. Hij spreekt in zijn rol van hoofd (ex persona capitis) of in zijn rol van lichaam (ex persona corporis). Maar wat staat er geschreven? "Die twee zullen één vlees zijn. Dit geheim heeft een diepe zin. Ik voor mij betrek het op Christus en de Kerk" (Ef. 5, 31-32). En de Heer zelf zegt in het Evangelie: "Deze twee zullen worden één vlees" (Mt. 19, 6). Immers, opdat gij weet dat het hier op de een of andere manier twee personen betreft, maar daarentegen toch ook weer één, door de band van het huwelijk, spreekt Hij bij Jesaja als één persoon (...). Als hoofd noemt Hij zich "bruidegom", als lichaam noemt Hij zich "bruid". H. Augustinus, Enarrationes in Psalmos. 74,4, vert. uit Lat.

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 12 augustus 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam