• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
"Heilige Maria, moeder van God, bid voor ons (...)". Met Elisabeth geven wij uiting aan onze verwondering: "Waaraan heb ik het te danken, dat de moeder van mijn Heer naar mij toe komt?" (Lc. 1, 43). Omdat Maria ons Jezus geeft, haar zoon, is zij de Moeder van God en onze moeder; wij kunnen haar al onze zorgen en onze verlangens toevertrouwen: zij bidt voor ons, zoals zij voor zichzelf gebeden heeft: "Mij geschiede naar uw woord" (Lc. 1, 38). Doordat wij ons toevertrouwen aan haar gebed, geven wij ons met haar over aan de wil van God: "Uw wil geschiede".

"Bid voor ons, zondaars, nu en in het uur van onze dood". Doordat wij aan Maria vragen om voor ons te bidden, erkennen wij dat wij arme zondaars zijn, en richten wij ons tot de " moeder van barmhartigheid", tot de volmaakt heilige. "Nu", in het heden van ons leven, verlaten wij ons op haar. En ons vertrouwen breidt zich uit, zodat wij vanaf nu "het uur van onze dood" in haar handen leggen. Moge zij daar aanwezig zijn, zoals zij ook aanwezig was bij de dood aan het kruis van haar zoon, en moge zij ons in het uur van ons heengaan opnemen als onze moeder, Vgl. Joh. 19, 27 om ons te leiden naar haar zoon, Jezus, in het paradijs.

Alinea's in de marge van alinea 2677

Het goddelijk moederschap van Maria
Maria, in de evangelies "de Moeder van Jezus" genoemd (Joh. 2, 1)(Joh. 19, 25), Vgl. Mt. 13, 55 wordt in de kracht van de Geest reeds voor de geboorte van haar zoon aangesproken als "de Moeder van mijn Heer" (Lc. 1, 43). Immers, Hij, die door haar als mens van de heilige Geest ontvangen is en die werkelijk haar Zoon naar het vlees geworden is, is niemand anders dan de eeuwige Zoon van de Vader, de tweede persoon van de heilige Drieëenheid. De Kerk belijdt dat Maria werkelijk Moeder van God (Theotokos) Vgl. Concilie van Efese, 2e Brief van Cyrillus van Alexandrië aan Nestorius - 1e Zitting van Cyrillianen op het Concilie van Efeze, Epistula II Cyrilli Alexandrini ad Nestorium (24 feb 430), 2 is.
De Christen die zijn eigen dood met die van Jezus verenigt, ziet de dood als een aankomen bij Hem en een binnengaan in het eeuwig leven. Wanneer de kerk voor de laatste maal de woorden van vergeving waarmee Christus de zonden kwijtscheldt, over de stervende christen heeft uitgesproken, als zij hem voor de laatste maal getekend heeft met een sterkende zalving en hem Christus gegeven heeft in het viaticum als voedsel voor de reis, dan zegt zij tot hem met een liefdevolle zekerheid:
Vertrek, christen, uit deze wereld, in de naam van God, de almachtige Vader, die u geschapen heeft; in de naam van Jezus Christus, de Zoon van de levende God, die voor u geleden heeft; in de naam van de heilige Geest, die in u is uitgestort; heden zij uw plaats in de vrede en uw woning in het heilige Sion, bij God, met de heilige Moeder van God, de maagd Maria, met de heilige Jozef en met alle engelen en heiligen van God. (...) Keer terug tot uw Schepper die u uit het stof van de aarde heeft gevormd. De heilige Maria, de engelen en alle heiligen, mogen u tegemoet komen hij uw heengaan uit dit leven. (...) Moogt gij uw Verlosser zien van aangezicht tot aangezicht (...).Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Orde van dienst voor de uitvaartliturgie, Ordo Exsequiarum (15 aug 1969). "Commendatio animae", vert. De ziekenzalving, blz. 98-99. De orde van Dienst voor de Ziekenliturgie (B) 121-122

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 1 februari 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam