• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
"Vandaag"

Wij leren bidden op vastgestelde ogenblikken: wanneer wij luisteren naar het woord van de Heer en wanneer wij deelnemen aan zijn paasmysterie; maar zijn Geest wordt ons te allen tijde, in de gebeurtenissen van elke dag, aangeboden om het gebed te laten opborrelen. De leer van Jezus over het gebed tot onze Vader ligt in dezelfde lijn als het onderwicht over de voorzienigheid: Vgl. Mt. 6, 11.34 de tijd is in handen van de Vader. in het heden worden wij geconfronteerd met de tijd, niet gisteren en ook niet morgen, maar vandaag: "Luistert heden dan naar zijn stem: Weest niet halsstarrig" (Ps. 95, 7-8).

Alinea's in de marge van alinea 2659

Wanneer de kerk het Christusmysterie viert, dan komt telkens in haar gebed het woord "heden!" terug, als een echo van het gebed dat de Heer haar geleerd heeft Vgl. Mt. 6, 11 en als antwoord op de oproep van de heilige Geest. Vgl. Heb. 3, 7-4, 11 Vgl. Ps. 95, 7 Dat "heden" van de levende God is het "uur" van het Pasen van Jezus, dat de hele geschiedenis doorkruist en draagt, en de mens wordt uitgenodigd dat "heden" binnen te treden:
Het leven heeft zich tot alle wezens uitgestrekt en alle zijn vervuld van een sterk licht; Hij die de opgaande zon bij uitstek is, overspoelt de hele wereld en Hij die "eerder was dan de morgenster" en de andere hemellichamen, onsterfelijk en onmetelijk, de grote Christus, Hij straalt meer dan de zon over alle wezens. Zodoende ontstaat voor ons die in Hem geloven een dag van licht, langdurig, eeuwig, een dag die geen einde kent: het mystieke Pasen. Pseudo Hippolytus van Rome, In sanctam Pascha. 1-2: PG 59, 755, vert. uit Lat.

"Dagelijks". Dit woord, epiousios, wordt nergens anders in het Nieuwe Testament gebruikt. Als wij het opvatten in temporele zin, wordt hiermee voor de duidelijkheid het woord "heden" Vgl. Ex. 16, 19-21 herhaald; zo worden wij bevestigd in een vertrouwen "zonder voorbehoud". Opgevat in kwalitatieve zin verwijst het naar het levensnoodzakelijke en in bredere zin naar alles wat dient tot ons levensonderhoud. Vgl. 1 Tim. 6, 8 Als wij het opvatten in letterlijke zin (epiousios: "bovennatuurlijk"), is het een rechtstreekse verwijzing naar het brood des levens, het lichaam van Christus, "geneesmiddel voor onsterfelijkheid" H. Ignatius van Antiochië, Brief aan de Efesiërs, Epistula ad Ephesios. 20,2, in: PG 5,661; zonder dit bovennatuurlijk brood hebben wij het leven niet in ons. Vgl. Joh. 6, 53-56 Met de zojuist genoemde betekenis wordt ook de hemelse betekenis duidelijk: "vandaag" is de dag van de Heer, de dag van het feestmaal van het rijk, waarop wij in de eucharistie vooruitlopen; hierin hebben wij reeds een voorsmaak van het rijk dat komen gaat. Daarom is het passend om de dienst van de eucharistie "elke dag" te vieren.

De Eucharistie is ons dagelijks brood. Dit goddelijk voedsel heeft de kracht om één te maken: wij worden Lichaam van Christus, zijn ledematen, zodat wij zijn wat we ontvangen. (...) Maar ook de lezingen die u elke dag in de kerk hoort zijn dagelijks brood, ook de hymnen die u hoort en zingt zijn dagelijks brood. Dat alles hebben wij nodig op onze pelgrimstocht. H. Augustinus, Sermones. 57,7,7, vert. uit Lat.

De Vader van de hemel spoort ons aan om als kinderen van de hemel te vragen om het brood van de hemel. Vgl. Joh. 6, 51 Christus "zelf is het brood dat gezaaid is in de maagd; gegist in het vlees, is gekneed door het lijden gebakken in de oven van het graf, toevertrouwd aan de kerk, gedragen naar de altaren en het levert dagelijks aan de gelovigen voedsel uit de hemel". H. Petrus Chrysologus, Sermones. 67,7

Jezus vraagt een kinderlijke overgave aan de voorzienigheid van de hemelse Vader, die zorgt voor de kleinste noden van zijn kinderen: "Maakt u dus geen zorgen over de vraag: wat zullen wij eten of wat zullen wij drinken (...) Uw hemelse Vader weet wel dat gij al deze dingen nodig hebt. Maar zoekt eerst het koninkrijk en zijn gerechtigheid: dan zal dat alles u erbij gegeven worden" (Mt. 6, 31-33). Vgl. Mt. 10, 29-31

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 4 augustus 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam