• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Het eerste gebod ("Op zondagen en verplichte feestdagen deelnemen aan de eucharistie en zich van slaafse arbeid onthouden") vraagt van de gelovigen de dag te heiligen waarop de verrijzenis van de Heer herdacht wordt, evenals de voornaamste liturgische feesten die de mysteries van de Heer, de Maagd Maria en de heiligen eren; op de eerste plaats door deel te nemen aan de eucharistieviering, waartoe de christelijke gemeenschap zich verzamelt, en door zich te onthouden van die werkzaamheden en bezigheden die een dergelijke heiliging van deze dagen zouden kunnen verhinderen. Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1246-1248 Vgl. Wetboek, Codex van Canoniek Recht van de Oosterse Kerken, Codex Canonum Ecclesiarum Orientalium (1 okt 1991), 880. 3 Vgl. Wetboek, Codex van Canoniek Recht van de Oosterse Kerken, Codex Canonum Ecclesiarum Orientalium (1 okt 1991), 881. 1.2.4

Het tweede gebod ("Ten minste eenmaal per jaar biechten") verzekert de voorbereiding op de Eucharistie door het ontvangen van het Sacrament van Boete en Verzoening, dat de bekering en vergeving van het Doopsel voortzet. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 989 Wetboek, Codex van Canoniek Recht van de Oosterse Kerken, Codex Canonum Ecclesiarum Orientalium (1 okt 1991), 719

Het derde gebod ("De heilige Communie ontvangen, op zijn minst in de paastijd") geeft de minimumeis aan wat betreft het ontvangen van het Lichaam en Bloed van de Heer in verband met de paasvieringen, die oorsprong en kern zijn van de christelijke liturgie. Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 920 Vgl. Wetboek, Codex van Canoniek Recht van de Oosterse Kerken, Codex Canonum Ecclesiarum Orientalium (1 okt 1991), 708.881. 3

Alinea's in de marge van alinea 2042

De Kerk verplicht de gelovigen ertoe op zon- en feestdagen de goddelijke liturgie mee te vieren Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de Oosterse Kerken, Orientalium Ecclesiarum (21 nov 1964), 15. vert. uit Latijn en ten minste eenmaal per jaar, indien mogelijk in de Paastijd, de Eucharistie te ontvangen, Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 920 na zich door het Sacrament van de Verzoening te hebben voorbereid. De kerk beveelt echter de gelovigen ook ten zeerste aan op alle zon- en feestdagen de heilige Eucharistie te ontvangen, of nog vaker, zelfs iedere dag.

De zondagsplicht
Het kerkelijk gebod bepaalt de wet van de Heer en drukt deze uit: "Op zondag en op andere verplichte feestdagen zijn de gelovigen verplicht aan de mis deel te nemen". Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1247 "Aan het voorschrift om aan de mis deel te nemen voldoet wie de mis bijwoont, overal waar deze in een katholieke ritus gevierd wordt ofwel op de feestdag zelf ofwel op de avond van de voorafgaande dag". Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 1248. § 1
De zondagse eucharistieviering
De zondagsviering van de dag des Heren en van de Eucharistie van de Heer staan in het centrum van het leven van de kerk. "De zondag, waarop het Paasmysterie gevierd wordt, moet uit apostolische traditie in de gehele kerk als de oorspronkelijk geboden feestdag onderhouden worden".CIC, can. 1246, § 1
"Zo ook moeten onderhouden worden de dag van de geboorte van Onze Heer Jezus Christus, van de Openbaring, van de Hemelvaart en van Christus' Allerheiligste Lichaam en Bloed, van de Heilige Maria, de Moeder van God, van haar Onbevlekte Ontvangenis en Tenhemelopneming, van de Heilige Jozef, van de Heilige Apostelen Petrus en Paulus en tenslotte van Allerheiligen".CIC, can. 1246, § 1
Volgens het gebod van de Kerk is "iedere gelovige, wanneer hij tot de jaren van het verstand gekomen is, verplicht minstens eenmaal per jaar zijn zware zonden oprecht te belijden". Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 989 Vgl. Concilie van Trente, 14e Zitting - De leer over het Sacrament van de Biecht, Sessio XIV - Doctrina de sacramento poenitentiae (25 nov 1551), 17.35 Hij die zich ervan bewust is een doodzonde bedreven te hebben, kan de Heilige Communie niet ontvangen zonder eerst de sacramentele absolutie verkregen te hebben, Vgl. Concilie van Trente, 13e Zitting - Decreet over het Sacrament van de Eucharistie, Sessio XIII - Decretum de SS. Eucharistia (11 okt 1551), 13.27 zelfs wanneer hij diep berouw heeft, tenzij hij een ernstige reden heeft om te communiceren en het hem niet mogelijk is zich tot een biechtvader te richten. Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 916 Vgl. Wetboek, Codex van Canoniek Recht van de Oosterse Kerken, Codex Canonum Ecclesiarum Orientalium (1 okt 1991), 711 Kinderen moeten tot het Boetesacrament naderen, voordat zij de eerste Heilige Communie ontvangen. Vgl. Wetboek, Codex van het Canonieke recht, Codex Iuris Canonici (25 jan 1983), 914

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 10 november 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam