• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De liefde van Christus is in ons de bron van al onze verdiensten bij God. Door ons met een werkzame liefde te verenigen met Christus, verzekert de genade ons de bovennatuurlijke hoedanigheid van onze daden en, als gevolg daarvan, hun verdiensten tegenover God en tegenover de mensen. De heiligen hebben steeds het levendig bewustzijn gehad dat hun verdiensten pure genade waren.
Na de ballingschap van deze aarde hoop ik te genieten van U in het vaderland, maar ik wil geen verdiensten verzamelen voor de hemel, ik wil werken voor Uw liefde alleen (...). In de avond van dit leven zal ik voor U verschijnen met lege handen, want ik vraag U niet, Heer, mijn daden te tellen. Al onze gerechtigheden zijn nog besmet in uw ogen. Ik wil me dus bekleden met uw eigen gerechtigheid en van Uw liefde het eeuwig bezit van Uzelf ontvangen... H. Teresia van het Kind Jezus, Offr

Alinea's in de marge van alinea 2011

Deze "luister van een uitzonderlijke heiligheid" waarmee zij "vanaf het eerste ogenblik van haar ontvangenis gesierd is", 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 56. vert uit Lat. verkrijgt zij geheel van Christus: zij is "met het oog op de verdiensten van haar Zoon op een meer verheven wijze verlost". 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 53. vert. uit Lat. Méér dan elke andere geschapen persoon heeft de Vader haar "in de hemelen in Christus gezegend met elke geestelijke zegen" (Ef. 1, 3). Hij heeft haar "in Hem uitverkoren vóór de grondlegging van de wereld, om heilig en vlekkeloos te zijn voor zijn aangezicht. Vgl. Ef. 1, 4

De voldoening (penitentie) die de biechtvader oplegt, moet rekening houden met de persoonlijke situatie van de boeteling en gericht zijn op diens geestelijk welzijn. Zij moet zo goed mogelijk in verhouding staan tot de zwaarte en de aard van de bedreven zonden. Ze kan bestaan uit gebed, een gift, werken van barmhartigheid, dienst aan de naaste, vrijwillige verstervingen, offers en vooral uit het geduldig, aanvaarden van het kruis dat ons te dragen wordt gegeven. Dergelijke boetedoeningen helpen ons gelijkvormig te worden aan Christus, die als enige eens voor altijd onze zonden heeft uitgeboet. Vgl. Rom. 3, 25 Vgl. 1 Joh. 2, 1-2 Boetedoeningen staan ons toe mede-erfgenamen van de verrezen Christus te worden, "daar wij delen in zijn lijden" (Rom. 8, 17): Vgl. Concilie van Trente, 14e Zitting - De leer over het Sacrament van de Biecht, Sessio XIV - Doctrina de sacramento poenitentiae (25 nov 1551), 24

Maar de voldoening die wij voor onze zonden brengen, wordt slechts door Christus Jezus bewerkt, want uit onszelf kunnen wij niets. Maar met de hulp "van Hem die ons kracht geeft, vermogen wij alles" (Fil. 4, 13). De mens heeft dus niets om op te roemen, tenzij Christus (...) in wie wij' voldoening schenken door "vruchten voort te brengen die passen bij bekering" (Lc. 3, 8); vruchten die uit Hem hun kracht krijgen, door Hem aan de Vader opgedragen en dankzij Hem door de Vader aanvaard worden. Concilie van Trente, 14e Zitting - De leer over het Sacrament van de Biecht, Sessio XIV - Doctrina de sacramento poenitentiae (25 nov 1551), 25. vert. uit Lat.

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 1 april 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam