• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De plicht van gehoorzaamheid draagt allen op de verschuldigde eer te betuigen aan het gezag en de personen die het uitoefenen, te omringen met respect en - al naargelang hun verdienste - met dankbaarheid en welwillendheid.

Van de hand van de heilige Paus Clemens van Rome is de oudste gebedstekst van de kerk voor de politieke leiders bekend: Vgl. 1 Tim. 2, 12

"Heer, geef hun gezondheid, vrede, eendracht en rust, opdat ze de door U gegeven macht onberispelijk uitvoeren. Heer, Gij, de hemelse koning der eeuwen, geef de mensenkinderen luister, eer en macht over al wat op aarde bestaat; Gij, Heer, leid hun plannen naar wat schoon en welgevallig is voor U, opdat ze in vrede en nederigheid de door U gegeven macht toegewijd uitoefenen en zo uw genade deelachtig worden". H. Paus Clemens Romanus, Aan de Korintiërs, I Clemens - Ad Corinthios. 61,1-2

Alinea's in de marge van alinea 1900

Plichten van de burgers
Al wie aan het gezag onderworpen is, moet zijn meerderen beschouwen als vertegenwoordigers van God, die hen heeft aangesteld als uitdelers van zijn gaven: Vgl. Rom. 13, 1-2 "Onderwerpt u aan alle menselijke instellingen terwille van de Heer. (...) Leeft als vrije mensen maar maakt als dienstknechten van God van de vrijheid geen voorwendsel voor de ondeugd" (1 Pt. 2, 13.16). De loyale medewerking omvat het recht, soms zelfs de plicht om gegronde kritiek uit te oefenen op wat in hun ogen afbreuk doet aan de menselijke waardigheid of aan het algemeen welzijn.
De onderdanigheid aan het gezag en de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het algemeen welzijn leggen de zedelijke verplichting op om belasting te betalen, gebruik te maken van het stemrecht en het land te verdedigen:
Geeft ieder wat hem toekomt: belasting en rechten aan wie gij belasting en rechten verschuldigd zijt; ontzag en eerbied aan wie ontzag en eerbied toekomen (Rom. 13, 7).

(De christenen) wonen in hun eigen vaderland, maar als waren zij daar gevestigde vreemdelingen. Zij hebben alles gemeenschappelijk met de anderen als burgers, en zij hebben van alles te verduren als vreemden (...). Zij gehoorzamen aan de geldende wetten, maar zij overtreffen deze door hun levenswijze (...). God heeft hen geplaatst op een belangrijke past die zij volstrekt niet magen verlaten. Apostolische Vader, Brief aan Diognetus. 5,5.10; 6,10, vert. Getijdenboek I,3,108

De Apostel spoort ons aan om gebeden te verrichten en te danken voor de koningen en voor allen die gezag uitoefenen, "opdat wij ongestoord en rustig, een in alle opzichten godvruchtig en waardig leven kunnen leiden" (1 Tim. 2, 2).

Document

Naam: CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 15 augustus 1997
Copyrights: © 1997, Libreria Editrice Vaticana
waarin verwerkt niet officiële aanpassing aan de "editio typica"
Bewerkt: 3 maart 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam