• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

BONUM SANE
Over de oefeningen van godsvrucht ter ere van de H. Jozef in de maand maart.

Aanleiding en doel van dit Motu Proprio

Goed en heilzaam voor het christendom is het geweest, dat onze voorganger Pius IX, onsterfelijker gedachtenis, de zuivere bruidegom van de Moeder Gods, de voedstervader van het mensgeworden Woord, Congregatie voor de Riten
Quemadmodum Deus
Plechtige, officiële proclamatie van St. Jozef tot Patroon van de gehele Kerk en van de verheffing van de feestdag van 19 maart tot een plechtige liturgische viering
(8 december 1870)
, en nu het in de a.s. maand december vijftig jaren geleden zal zijn, dat die gezegende daad heeft plaats gehad, zien wij er een zeer groot nut in, de herinnering daaraan in heel de wereld plechtig te vieren.

De droevige tijdsomstandigheden maken een vernieuwing van de devotie tot St. Jozef zeer wenselijk
Als wij een blik werpen op den tijd van de afgelopen jaren, dan vertoont zich aan ons oog een schier ononderbroken reeks van godvruchtige instellingen, die getuigen voor een gestadige, tot op heden durende groei van de verering van dien heiligen patriarch. Maar als wij dan de treurige toestanden beschouwen, waaronder het mensdom op het ogenblik te lijden heeft, dan blijkt de noodzakelijkheid, om juist deze godsvrucht onder de volken nog veel warmer aan te bevelen en in nog veel ruimer mate te verspreiden.
Het sterk verbreide naturalisme is oorzaak van veel kwaad
Immers, in onze onlangs uitgevaardigde Paus Benedictus XV - Encycliek
Pacem Dei munus pulcherrimum
Over vrede en Christelijke verzoening (23 mei 1920)
in christelijke zin hebben wij aangetoond, wat er na de verschrikkelijke worsteling van de oorlog nog ontbrak aan het herstel van de „rust van de orde” onder alle volken. Wij beschouwden in die encycliek vooral de burgerlijke verhoudingen zoowel van de volken als van de afzonderlijke mensen onder elkander. Op het ogenblik echter moeten wij naar een andere oorzaak van ontreddering zien, en wel een veel ernstiger oorzaak, want deze zit in de aderen en in het hart van de menselijke maatschappij. Wanneer immers is de ramp van de oorlog over de volken gekomen? Het was, toen zij tot in hun binnenste waren aangetast door de vreselijkste kwaal onzer eeuw: het naturalisme. Waar dit zijn vollen invloed doet gelden, daar doet het het verlangen naar de hemelse goederen verflauwen, de vlam van de goddelijke liefde uitdoven, onttrekt het de mens aan de genezende en verheffende invloed van de genade van Christus, en als de mens dan ten slotte beroofd is van het licht van het geloof en nog slechts in het bezit van de zwakke, bedorven krachten van de natuur, dan maakt het naturalisme hem tot speelbal van de teugelloze hartstochten.
Maar al te velen hadden dan ook hun zinnen uitsluitend gezet op de vergankelijke dingen; daar bestond tussen proletariërs en rijken hevige nijd en vijandschap, en toen kwam een langdurige grote oorlog de vijandschap tussen de klassen nog groter en vinniger maken, vooral omdat de oorlog van de enen kant een voor de grote massa ondragelijke duurte heeft gebracht en van de anderen kant een plotselinge opeenhoping van kapitalen in de handen van zeer weinigen.
Huwelijk en huisgezin hebben veel geleden en er dreigt een geweldige sociale omwenteling
Tot overmaat van ramp heeft de heiligheid van de huwelijkstrouw en de eerbied voor het vaderlijk gezag bij een groot aantal door de oorlog zeer veel geleden, omdat de verre afstand, waarop de ene echtgenoot zich bevond, voor de vader aanleiding was tot verslapping van de banden van de plicht, en omdat de afwezigheid van het toezicht van de vooral voor de lichtzinnigheid van de meisjes een drijfveer was om zich al te grote vrijheid te veroorloven. Er valt dan ook een veel ernstiger teruggang en inzinking van het zedelijk peil te betreuren dan vroeger, en als gevolg daarvan wordt de toestand op sociaal gebied van dag tot dag zoveel moeilijker, zodat er ernstige vrees bestaat voor een algemene omwenteling. In de wensen en de verwachtingen immers van de ergste revolutionaire is de tijd nu rijp voor het ontstaan van een wereldrepubliek, die gegrondvest moet zijn op de beginselen van de absolute gelijkheid aller mensen en van gemeenschap van goederen; waar geen verschillen van nationaliteit meer zullen bestaan, geen gezag meer van de vader over zijn kinderen, van de openbare macht over de onderdanen, en waar geen gezag van God over de menselijke maatschappij erkend wordt. Als dit systeem wordt doorgevoerd, dan moet een ongehoord schrikbewind het onvermijdelijk gevolg zijn; een groot gedeelte van Europa doet daar op het ogenblik reeds op gevoelige wijze de ondervinding van op. Welnu, wij zien hoe men dit systeem ook bij de overige volken tracht ingevoerd te krijgen en hoe door het brutaal stoken van een kleine minderheid hier en daar achtereenvolgens hevige beroeringen zijn ontstaan.
Daarom wijst de Paus naar St. Jozef
Onder de kommervolle indruk van deze loop van de gebeurtenissen zijn wij de eerste geweest om bij gelegenheid de kinderen van de Kerk aan hun plicht te herinneren. Zo bijv. in een brief aan de bisschop van Bergamo en aan de bisschoppen van de kerkprovincie van Venetië. Om dezelfde reden nu, en in onze bezorgdheid om onze kinderen, die hun brood door handenarbeid verdienen, allen en overal binnen de perken van hun plicht te houden en te behoeden voor de besmetting van het socialisme, de grootste vijand van het katholicisme, stellen wij vooral aan hen op dit ogenblik met groten nadruk de H. Jozef als toonbeeld en als patroon ter verering en ter navolging voor.
Wat men van St. Jozef leren moet
De H. Jozef immers heeft zijn leven doorgebracht in eenzelfde levensstaat als zij; daarom wilde Christus, onze God, ofschoon hij de Eengeborene van de eeuwige Vader was, de Zoon van een werkman genoemd worden. Met welk een grote, heerlijke deugden heeft Jozef die nederige, arme staat gesierd, de deugden nl. waarin de man moest uitschitteren, die de echtgenoot moest zijn van de onbevlekte Maagd Maria, en voor de vader van de Heer Jezus moest gehouden worden!
Laten dus allen in de school van Jozef leren, de vergankelijke goederen te beschouwen in het licht van de toekomstige, eeuwige goederen, en voor de lasten van het menselijk bestaan troost zoekend in de hoop op de hemelse goederen, door de onderhouding van Gods wil, d.i. door een matig, rechtvaardig en vroom leven die hemelse goederen trachten te bereiken.

Wat echter de arbeiders in het bijzonder betreft: gaarne halen wij hier de woorden van onze voorganger Leo XIII z.g. over hetzelfde onderwerp aan. Het zijn immers woorden, waar men geen betere voor zou kunnen vinden.

„Deze beschouwingen (zo luiden zij) moeten de behoeftigen, en allen die hun levensonderhoud door harden handenarbeid verdienen, bezielen met gevoelens van vertrouwen en tevredenheid. Zeker, zij mogen met rechtvaardige middelen trachten, zich uit hun behoeftigen staat op te heffen en een betere staat te verkrijgen. Maar de orde, die Gods voorzienigheid heeft vastgesteld, omverwerpen: dat staat het gezond verstand en de gerechtigheid niet toe. Integendeel: geweldpleging en alle revolutionaire en oproerige pogingen van dien aard zijn zelfs een grote dwaasheid, die gewoonlijk juist een verzwaring met zich meebrengt van de mistoestanden, die men er door wil wegnemen. Laten dus de armen, als zij verstandig willen zijn, geen vertrouwen stellen op de beloften van oproerstokers, maar op het voorbeeld en de bescherming van den H. Jozef, en op de moederlijke liefde van de Kerk, die zich immers met den dag hun lot meer en meer aantrekt.” Paus Leo XIII, Encycliek, Over de devotie tot St. Jozef, Quamquam Pluries (15 aug 1889), 23

Als de godsvrucht van de gelovigen voor de H. Jozef toeneemt, dan leidt dat van zelf ook tot een vermeerdering hunner godsvrucht voor het heilig huisgezin van Nazareth, waarvan hij het eerbiedwaardig hoofd was. Die laatste devotie immers is een natuurlijk gevolg van de eerste. Van Jozef leidt de weg recht naar Maria, en van Maria naar de bron van alle heiligheid, naar Jezus, die door Zijn onderdanigheid aan Jozef en Maria aan de huiselijke deugden een hoge wijding heeft gegeven. Welnu, ons vurig verlangen is: een vernieuwing, een hervorming van het christelijk huisgezin naar die heerlijke modellen van deugd. Het gezin is de grondslag van de maatschappij. Als dus het gezin weer grotere hechtheid krijgt door nauwgezetter beveiliging van kuisheid, eendracht en trouw, dan zal als gevolg daarvan vanzelf nieuwe kracht en als het ware nieuw bloed stromen door alle ledematen van het maatschappelijk lichaam, onder de overal werkende invloed van de kracht van Christus. Dan zal niet alleen een zedelijke hervorming van individuen het gevolg zijn, maar ook een hervorming van het maatschappelijk en burgerlijk leven.
Aansporing tot verbreiding van de godsvrucht tot St. Jozef
Wij voor ons dus, vol vertrouwen op de bescherming van de heilige, aan wiens zorgvolle waakzaamheid God Zijn Eengeboren mensgeworden Zoon en de maagdelijke Moeder Gods wilde toevertrouwen, verzoeken de bisschoppen van geheel de Katholieke wereld, om in deze voor de christenheid zo gevaarvolle tijd, de gelovigen aan te sporen, met des te groter ijver de hulp van de H. Jozef in te roepen. Deze Apostolische Stoel heeft reeds vele oefeningen van godsvrucht ter ere van die heilige patriarch goedgekeurd, vooral voor iedere woensdag en voor geheel de maand, die hem is toegewijd Red.: de maand maart. Wij verlangen dus, dat al die oefeningen in ieder bisdom op aandringen van de bisschop zo goed mogelijk geregeld gehouden worden. Maar de H. Jozef wordt, en terecht, vooral beschouwd als de bereidvaardigste helper van de stervenden. Bij zijn sterven waren Jezus zelf en Maria tegenwoordig. Aan onze eerbiedwaardige broeders dus de taak, de steun en de sympathie van hun gezag te verlenen aan de godvruchtige verenigingen, die tot doel hebben de aanroeping van de H. Jozef voor de stervenden, zoals de broederschap van een goede dood, van het sterven van St. Jozef, en voor de zieltogenden.
De viering van een bijzonder herdenkingsfeest

Ter viering echter van de herinnering van de uitvaardiging van het bovenvermelde pauselijk Congregatie voor de Riten
Quemadmodum Deus
Plechtige, officiële proclamatie van St. Jozef tot Patroon van de gehele Kerk en van de verheffing van de feestdag van 19 maart tot een plechtige liturgische viering
(8 december 1870)
bepalen en bevelen wij, dat in de loop van het jaar, beginnend met 8 december a.s., in heel de Katholieke wereld een plechtige oefening zal gehouden worden ter ere van de H. Jozef, de bruidegom van de allerheiligste Maagd Maria en de patroon van de Katholieke Kerk, op een tijd en een wijze naar believen van iedere bisschop. Allen die er bij tegenwoordig zijn, kunnen onder de gewone voorwaarden een volle aflaat verdienen.

Gegeven te Rome bij St. Pieter de 25e juli op het feest van de apostel Jacobus in het jaar 1920, het zesde jaar van ons pausschap.

PAUS BENEDICTUS XV

Document

Naam: BONUM SANE
Over de oefeningen van godsvrucht ter ere van de H. Jozef in de maand maart.
Soort: Paus Benedictus XV - Motu Proprio
Auteur: Paus Benedictus XV
Datum: 25 juli 1920
Copyrights: © 1940, Ecclesia Docens 714, Gooi & Sticht, Hilversum
Bewerkt: 19 februari 2014

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2014, Stg. InterKerk, Schiedam